Zaal Periode Naam Omschrijving
Grote Zaal 2 februari t/m 28 juni

Harrie Bartels (Tegelen 1936-Maastricht 2017)

Maakte deel uit van de beweging Artishock. Schilderde landschappen, tuinen en figuren. Reisde veel naar Marokko (kameelschilderijen en landschappen). Hij schilderde in lyrisch-poëtische stijl. Getoond worden tientallen schilderijen uit privé-verzamelingen .

Charles Eijckzaal 2 februari t/m 28 juni Charles Hollman (Maastricht 1877-1953 Maastricht) Schilderde en tekende landschappen, stadsgezichten, ook in Parijs. Stijl Impressionistisch. Te zien is een privé verzameling van 40 schilderijen van een collectioneur uit Zierikzee.
Bovenzaal 28 juni t/m 20 september Janneke Lahey ( Maastricht 1946) en Rob Stultiens (Maastricht 1922-2002 Bunde) Janneke Laheij ( Kunstacademie Maastricht ) heeft de laatste jaren een geheel nieuwe techniek ontwikkeld : in plaats van met penseel en verf werkt ze nu uitsluitend met transparante stoffen.
Daaruit ontstaan verrassende portretten en landschappen.Rob Stultiens, bekend beeldhouwer vooral door zijn portretten grote beelden en plastieken in de openbare ruimte, was ook keramist. Subtiele en kleine werken die hij in die hoedanigheid maakte staan opgesteld in vitrines.De werken van deze kunstenaars in de bovenzaal samengebracht en opgesteld harmoniëren prachtig.
Grote zaal 5 juli t/m 20 september Patrick Creyghton Een veertigtal schilderijen uit privébezit worden voor het eerst publiekelijk geëxposeerd, naast werken uit museumcollecties en uit het bezit van de kunstenaar.
Het werk van Patrick Creyghton is sterk verbonden met het Limburgse landschap. Hij is in Nijmegen geboren en verhuist op jonge leeftijd met zijn ouders naar het Limburgse Maasdorp Grevenbicht.
Charles Eijckzaal 5 juli t/m 20 september Petran Vermeulen Het werk van Petran Vermeulen is heel divers maar altijd van grote kwaliteit. Ongetwijfeld was dit te danken een de degelijke leermeesters die hij heeft gekend. In Nijmegen kreeg hij op jonge leeftijd les van Dorus Arts. Van zijn geboorteplaats Venray fietste hij tussen 1934 en 1936 op en neer naar de woning van Arts. Deze privélessen werden ook gevolgd door Daan Wildschut die vanuit zijn woonplaats Grave met de fiets op en neer pendelde. In 1936 liet Petran zich inschrijven op de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen en daar mocht hij meteen in het vierde jaar instromen. In 1938 kreeg Petran een atelier aan het Hoger Instituut voor Schone Kunsten van Antwerpen.
Grote Zaal en Charles Eijckzaal 27 september t/m 6 december Pierre van Soest (Venlo 1930 – 2001 Amsterdam) Woonde en werkte afwisselend in Amsterdam en Helle (Zuid-Limburg). Schilderde in abstract-expressionistische stijl. Werd hij door een bepaald onderwerp gegrepen dan schilderde hij dit in hele reeksen. Veel werk is te vinden in musea in binnen- en buitenland. De tentoonstelling vindt plaats in samenwerking met de familie van Soest Amsterdam.
Bovenzaal 27 september t/m 6 december Georges Daemen (Stevoort B.) en Claartje van Oosterum (Eindhoven) Georges Daemen hanteert bewust een lichte toon, speelt graag met licht en donker en werkt bij voorkeur in olieverf én in transparante lagen.
Zijn doeken willen een brug vormen tussen woord, beeld en klank of tussen verwondering, vreugde, verdriet en schoonheid.‘Het menselijk lichaam, de houding en de bewegingen vormen voor Claartje een bron van informatie. Lichaam en geest zijn nauw verbonden met elkaar. Bij het model of portret boetseren is niet alleen de uiterlijke vorm van belang. In de ruimte die ontstaat tijdens de concentratie komt er een andere soort van interactie tot stand, waarin zij tot de diepere lagen kan doordringen van het model. In eerste instantie ‘voelt’ ze deze lagen heel lijfelijk, waarna ze op wonderlijke wijze omgezet worden in de klei en in de vorm’.